"Oorlog brengt het slechtste én het beste in de mens naar boven"

4 augustus 2018
Voormalig journalist Johan Depoortere was 38 jaar lang een vertrouwd gezicht van de VRT. Depoortere werkte jarenlang als buitenlandcorrespondent in Latijns-Amerika, Rusland en de Verenigde Staten. Als journalist volgde hij ook verschillende conflicten in oorlogsgebieden overal ter wereld.

Oorlog kent geen grenzen

Ex-VRT-journalist Johan Depoortere was tijdens zijn job getuige van vele oorlogen. Is het zien van oorlog een gegeven waar een mens gewoon aan raakt? "Nee, je raakt er nooit gewoon aan. Maar als journalist bekijk je oorlogssituaties wel met een professioneel oog. De camera wordt een soort scherm tussen jezelf en je emoties, en wat er zich daar voor je neus afspeelt. Oorlog is heel ingrijpend en wreed om te zien, in vele gevallen ook in de letterlijke betekenis van het woord", vertelt Depoortere in "Globetrotters".

"Ik heb in Libanon scènes gezien waarbij ik me afvroeg of een mens echt tot zulke dingen in staat is. Sommige mensen daar waren in staat om te doden en om met een lijk achter hun auto door de straten te rijden. Dat soort beelden blijven voor altijd op mijn netvlies gebrand", zegt Depoortere.

Libanese burgeroorlog

Depoortere werd in 1976 voor de eerste keer als oorlogsverslaggever naar het conflict in Libanon gestuurd. "Doordat er oorlog was in één bepaald deel van de stad, voelde het er soms heel bevreemdend en hallucinant aan. Ik zag de granaten door de straten vliegen maar om de hoek zaten de meisjes aan het zwembad. Op amper een kwartier afstand lagen de bergen en daar waren de skipistes zelfs open."

Oorlog wordt snel een onderdeel van het dagelijkse leven

Volgens Depoortere zie je dat soort situaties overal tijdens conflicten. "Zo gauw er een beetje pauze is in de gevechten, komen de marktkramers op straat en spelen de kinderen in de speeltuintjes. Oorlog wordt op die manier een onderdeel van het dagelijkse leven. Zo herinner ik me een Hollands-Arabisch gezin in de wijk in Beirut waar de oorlog van start gegaan is. Er zaten reusachtige granaatsgaten in hun keuken maar het gezin bleef daar koken."

Angst

Het lijkt onvermijdelijk dat Depoortere als jonge oorlogsjournalist angst gekend heeft. "Ik ben er heel naïef aan begonnen. Je bent 30 jaar oud en je waant je onkwetsbaar. Maar natuurlijk werd ik soms overvallen door angst. De grootste angst voelde ik altijd op weg naar het conflictgebied. Eens je er dan aangekomen bent, krijg je wel een soort fatalisme over je heen. Bovendien werkte ik altijd samen in een ploegje met een cameraman en geluidsman. Als journalist probeer je alles zo goed mogelijk voor te bereiden en reken je op plaatselijke mensen die de situatie kennen. Je trekt er niet zomaar op uit maar probeert je altijd een beetje in te dekken", licht Depoortere toe.

Blik op de mens

Depoortere heeft doorheen de jaren veel gruwel gezien. Heeft dat zijn blik op de mens veranderd? "Het is een cliché maar de oorlog brengt het slechtste én het beste in de mens naar boven. Je hebt van die figuren - soms individuen van wie je het niet zou verwachten - die hun leven in handen nemen. Het gaat vaak om heel gewone personen die er in moeilijke omstandigheden voor zorgen dat hun gemeenschap aan elkaar blijft hangen. Die mensen maken een onleefbare situatie min of meer leefbaar."

Het begrip 'oorlogsreporter' vind ik geromantiseerd

Ondanks zijn ervaringen in conflictgebieden wil Depoortere zichzelf geen oorlogsreporter noemen. "Het begrip oorlogsreporter vind ik geromantiseerd en gehollywoodiseerd. Oorlogsverslaggeving is verslaggeving. Voor mij betekent verslaggeving voor een groot deel: wachten, geduld hebben en mensen proberen vinden", besluit Depoortere.

Lees ook

Radio 1 Select