Revolutie in Antwerpen

1 mei 2021
In woelige tijden voelden mensen meer dan anders de nood om een kroniek bij te houden van wat ze zagen gebeuren. "De veranderingen die ik meemaak zijn historisch, ik moet dat boekstaven", dat gevoel. Pierre Goetsbloets woonde eind 18de eeuw in Antwerpen op de Sint-Jacobsmarkt, en hield tussen 1794 en 1797 een prachtig dagboek bij.

En woelige tijden waren het. Het cliché van het arme België dat voortdurend onder de voet werd gelopen door vreemde mogendheden dateert van toen.

Probeer ons even te volgen in de wirwar van bezetters: in 1789 waren de inwoners van Brabant en Vlaanderen Oostenrijkers; na de Brabantse Omwenteling in 1790 werden we Belgen; maar na een jaar was het afgelopen met onze onafhankelijkheid en waren we opnieuw Oostenrijkers; in 1792 vallen de Fransen binnen en zijn we vier maanden Frans; tot de Oostenrijkers zich herpakken en de Fransen verjagen; ook weer voor niet heel lang: 17 mei 1794, de slag bij Fleurus: de Fransen heroveren onze gewesten. 

In vijf jaar tijd zijn de inwoners van onze gewesten dus Oostenrijker, Belg, Oostenrijker, Fransman, weer Oostenrijker en tenslotte opnieuw Fransman geweest. Tot in 1815, toen werden we Nederlanders, en in 1830 werden de Belgen Belgen.

Woeilig toch, nee? Dat vond Pierre Goetsbloets ook. Goetsbloets was een rijke, adelijke Antwerpenaar van de oude stempel. Het Frankrijk dat onze gewesten veroverde was het revolutionaire Frankrijk van liberté, égalité, fraternité.

Alles, werkelijk àlles werd door de Fransen omgegooid. De revolutionaire kalender wordt ingevoerd, kerkelijke feesten worden verboden en vervangen door revolutionaire, de standenmaatschappij wordt afgeschaft, kerk en staat worden gescheiden, het rechtssysteem werd omgegooid, het onderwijs werd gelaïciseerd, allemaal veranderingen die Goetsbloets verafschuwde. En hij moest een revolutionaire bleu/blanc/rouge-kokarde opspelden op straffe van drie dagen opsluiting, in weerwil van zijn gehechtheid aan de tradities van het ancien régime.

Goetsbloets noteerde wat hij zag gebeuren en hij maakte prachtige aquarellen bij zijn verslag. Hij moet er dwangmatig mee bezig geweest zijn. In drie jaar tijd vulde hij 5000 bladzijden - gelukkig was hij rijk genoeg om niet te moeten werken voor zijn geld.

Die kronieken - Tydsgebeurtenissen noemde Goetsbloets ze zelf - worden bewaard in de Koninklijke Bibliotheek van België. Brecht Deseure heeft ze nu gepubliceerd en van commentaar voorzien in het prachtige boek Revolutie in Antwerpen

Beluister het volledige gesprek :