Straffe touaregmuzikantes van Les Filles De Illighadad en de nieuwe van Tinariwen

10 februari 2017
Beeld je in: zonovergoten zandduinen, wapperende tentzeilen in de warme wind en in de verte enkele eenzame gedaantes in lange gewaden. Bij die imaginaire filmbeelden klinkt voor de gelegenheid een soundtrack met bezwerende muziek: akoestische en elektrische gitaren begeleid door eenvoudige percussie en handgeklap.

Een donkere stem, gekleurd door het harde leven in de woestijn, zingt een lied in een taal die je niet verstaat, maar de melancholie van de zang raakt je dwars door elke taalbarrière. Het doet even denken aan een soort oerblues uit West-Afrika, of zelfs aan Portugese fado met dat typische gevoel van saudade, een nostalgie die tegelijk pijn doet en troost biedt. In het Tamashek, de taal van de nomaden uit de Sahara, heet dat gevoel “assouf” en het is een vast ingrediënt in de muziek van Tinariwen, ook op hun nieuwe plaat ‘Elwan’.

Tinariwen is een collectief Toeareg-muzikanten uit Mali dat meer dan 35 jaar geleden werd opgericht door zanger en gitarist Ibrahim Ag Alhabib. Dat was in een militair trainingskamp in Libië waar de Toeareg-rebellen werden klaargestoomd voor de strijd voor zelfbestuur. Met een machinegeweer in de hand en een elektrische gitaar over de schouder lieten de Toeareg-muzikanten zich toen fotograferen. Maar die tijd ligt al lang achter hen. Nu zijn Ibrahim en de andere Tinariwen-leden van het eerste uur zowat de aartsvaders van de zogenaamde Toeareg-blues en Toeareg-rock. 

In het Tamashek is Tinariwen het meervoud van ténéré en dat betekent "woestijn".

De groep werd vroeger wel eens “de Rolling Stones uit Mali” genoemd, al lijkt mij “de Bob Marley & The Wailers van de Sahara” toepasselijker. Net zoals Bob Marley wereldwijd bekend werd als het icoon van de Jamaicaanse reggae, met ontelbare tijdgenoten en navolgers in zijn kielzog, zo is Tinariwen uitgegroeid tot de woestijnrockgroep bij uitstek. En in het spoor van Tinariwen hebben we intussen nog tal van andere Toeareg-muzikanten uit Noord-West-Afrika leren kennen: van Bombino en Mdou Moctar, over Tamikrest en Terakaft, tot de “Belgische” Toearegs van Kel Assouf

Wie Tinariwen nog niet kent, wordt op deze nieuwe plaat in het Toeareg-universum gelokt met gastbijdragen van enkele helden van de Amerikaanse pop en rock: Mark Lanegan bijvoorbeeld, of ook gitaristen Kurt Vile en Matt Sweeney. Toch blijft de muzikale impact van die gastbijdragen eerder beperkt: op de stem van Lanegan na, merk je het nauwelijks. Veel belangrijker in het totaalgeluid zijn de Marokkaanse gnawa-muzikanten die in enkele nummers zorgen voor de koorzang en extra percussie. 

‘Elwan’ betekent “de olifanten” en die titel verwijst naar een metafoor in de tekst van de eerste single ‘Ténéré tàqqàl’ (Wat is er gebeurd met de woestijn?): de woestijn is vertrappeld door allerlei militaire eenheden of op winst beluste multinationals die lak hebben aan de eigen cultuur van het woestijnvolk. Ook in de andere songs gaat het over die cultuur of over de nood aan een veilige thuishaven en zelfbeschikkingsrecht, over het dagelijkse leven in de woestijn of over een bestaan als banneling. 

Met 'Elwan’ is Tinariwen intussen al toe aan de zevende studioplaat sinds de groep hier doorbrak met ‘The Radio Tisdas Sessions’ in 2001. De sound van Tinariwen is in al die tijd niet echt veranderd, het klinkt nu misschien wat gepolijster dan vijftien jaar geleden, maar voor de liefhebbers blijft het nog altijd smullen. Zet de volumeknop open, sluit je ogen, en laat je door deze muziek vervoeren als een zandkorrel in een warme woestijnwind. 

Live touaregmuziek?

Op 15 maart stelt Tinariwen ‘Elwan’ voor in de AB in Brussel.

In het kader van het BRDCST festival van de AB kun je op 6 april in café Bonnefooi gratis naar Les Filles de Illighadad. Dat is een bijna volledig vrouwelijke Toeareg-groep uit een klein dorpje in het Sahelgebied in Niger. De muziek van Les Filles de Illighadad gaat van heel traditionele “tende” - muziek voor trancesessies en andere rituelen met de tende-trommel als begeleiding - tot een soort Afrikaanse singer-songwriter blues met elektrische en akoestische gitaren.

Waar de gitaarmuziek bij de Toeareg meestal een mannenzaak is, is de tende vaak voorbehouden aan de vrouwen. 

Eind november waren Les Filles al eens in ons land en toen lieten ze horen hoe ook zij hun mannetje staan in die gitaarmuziek. Meer over Les Filles de Illighadad lees je in het jongste nummer van het muziektijdschrift Gonzo Circus, met op de cd bij het blad een lange liveopname van hun concert in Vooruit in Gent.

Als je maar niet genoeg kan krijgen van die muziek uit de Sahara, dan is er ook nog de net verschenen compilatie ‘Agrim Agadez’ op Sahelsounds. Het gaat om veldopnamen die labelbaas Christopher Kirkley, een Amerikaanse musicoloog, tussen 2012 en 2014 heeft gemaakt in Niger. Hij wil laten horen hoe divers het aanbod gitaarmuziek daar is. De gitaar is er een wijdverspreid instrument - elektrisch, akoestisch, zelf gebricoleerd of geïmporteerd uit het Westen - en wordt door jong en oud bespeeld. Op ‘Agrim Agadez’ hoor je zo niet alleen Les Filles de Illighadad of die Toeareg-rocker Mdou Moctar, maar ook een Jimi Hendrix-adept en zangeres en gitariste Amaria Hamadahler die als een gracieuze gazelle voorbij komt huppelen met een bijna gefluisterd liedje, heel intiem, heel eenvoudig en heel schoon.

Radio 1 Select