Het probleem van de Rode Duivels: te veel talent in één ploeg

13 juni 2016
De Rode Duivels tijdens de opwarming voor hun match tegen Finland.
Duur is dus niet altijd goed. Dat bewijst een wetenschappelijk onderzoek van gedragseconoom Dick Swaab. Hij stelde vast dat een ploeg met veel sterspelers slechter presteert dan een ploeg met weinig sterspelers. Althans, tot een bepaald punt.

Tijdens de voorbije twee WK's voetbal analyseerde gedragseconoom Dick Swaab 209 landenteams. "Hij keek daarbij naar het aantal spelers dat voor topclubs speelde en zo sterspelers genoemd kunnen worden", aldus professor Wouter Duyck van de Universiteit Gent.

Al snel bleek dat er een verband was tussen dat percentage sterspelers en de prestaties van een ploeg. "Je zou denken dat dat lineair is, maar de realiteit is anders. Hoe dichter het percentage sterspelers tegen 70 % ligt, hoe beter een team presteert. Overstijgt het echter die 70 %, dan dalen de prestaties." Je zou dus kunnen spreken van een soort "sterrenplafond". Met andere woorden: je kan wel degelijk te veel talent in één ploeg hebben.

Bij de Rode Duivels is dat percentage vlot overschreden.

Redenen van dalende prestaties

"Te veel haantjesgedrag, te veel ego's, een slechte samenwerking en concurrentie voor de basisplaats zorgen voor allerlei sociale conflicten. De belangrijkste factor is echter het gebrekkige samenspel."

Niet alleen bij voetbal

Dick Swaab analyseerde ook 30 basketbalteams (NBA). Daar deed zich hetzelfde fenomeen voor, maar lag het optimum op 50 % sterspelers. Waarschijnlijk omdat samenwerking er nog belangrijker bij is.