"Toen ik hier binnenkwam, werd ik terug mens"

20 april 2018
Te veel geïnterneerden blijven in onze gevangenissen zitten zonder de nodige psychische zorg. De nieuwe campagne ‘Te Gek?!’ wil de problematiek van internering bespreekbaar maken. Ook ‘Hautekiet’ deed mee, met een live-uitzending vanuit het Forensisch Psychiatrisch Centrum in Gent. We lieten enkele geïnterneerden aan het woord.

Na twee lange jaren in de gevangenis van Dendermonde, Vorst en Merksplas kwam Hans terecht in het FPC. Zes maanden en een intensief programma later vond hij eindelijk rust. “Toen ik hier de eerste keer binnenkwam, zeiden twee mensen vriendelijk goeiedag. Ze spraken me aan met m’n voornaam en deden mijn boeien voor de laatste keer uit. Ik werd terug mens.”

Een overstap naar het FPC betekend niet meteen een overstap naar een eenvoudiger leven. “Ik heb enorm veel inzicht gekregen in mezelf, maar het is heel confronterend om op je vijftigste trauma's uit je kleutertijd heel actief terug op te rakelen en te verwerken.”

Wie opgenomen wordt in het FPC, doorloopt een uitgebreid traject dat gaat van oriëntatie, observatie en stabilisatie naar een eventuele re-integratie in de maatschappij. Een proces dat voor heel wat geïnterneerden erg intensief is. “In de gevangenis laat men je gerust. Of je werkt of niet werkt, maakt niet uit. Hier gaat men je ineens verplichten om aan jezelf te werken, en vooruit te denken.”

Iets waar volgens Hans geen haast achter zit, “Ik heb hier vooral geleerd dat alles niet zo snel moet gaan als dat we zelf zouden willen. Ik dacht vorig jaar, zet mij maar in de maatschappij. Vandaag zeg ik dat niet. Laat het zijn gang maar gaan. Het gemis aan vrijheid is iets dat je niet kan verwoorden, maar we moeten ook allemaal eerlijk zijn, we zitten hier allemaal omdat we iets hebben uitgestoken waar de maatschappij niet zo blij mee is.”

Dimitri maakte drie jaar geleden de overstap van gevangenis naar FCP. “Ik hier weinig vrienden. Je kiest niet met wie je samenzit, en dat zorgt soms voor spanningen. Eigenlijk wil ik heel graag terug naar Rusland, mijn geboorteland, gaan.”

Martin heeft een autismespectrumstoornis. De stap van de gevangenis naar het FCP was voor hem extra groot. “Ik heb echt moeten leren omgaan met die overgang van gevangenis naar dit soort centra. Maar dat ligt ook aan mijn autisme. Ik had last van agressie, maar na een zorgpad van 2,5 jaar heb ik geleerd hoe ik kan omgaan gaan met die spanning en stress.” Voor Martin zijn er enkel maar goede vooruitzichten. “Zodra er budget is, mag ik in West-Vlaanderen gaan wonen, in een beschutte woning voor mensen met autisme. Sinds kort mag ik zelfs onbegeleid fietsen naar mijn werk bij OBRA. Ik ben er klaar voor."

Voor Gino is er minder goed nieuws. “Ik ben geïnterneerd sinds 2002 en ondertussen wacht ik al een jaar, zonder maar één intakegesprek gehad te hebben.” Hij stoot vooral op veel onbegrip. “We zijn ook maar mensen, en de maatschappij begrijpt ons helemaal verkeerd. Ook het wachten is deprimerend. Een gedetineerde weet wanneer dat hij buiten komt. Wij weten dat niet.”