“Toen mijn vader overleed was dat een drama, maar ook een bevrijding”

14 april 2019
Marja Pruis is een laatbloeier. Vandaag is ze literair recensente én schrijfster. Maar voor ze zich daartoe kon ontpoppen, moest haar vader sterven.

“Mijn grote liefde voor literatuur begon met Kaas van Willem Elsschot”, vertelt Pruis. “Magisch vond ik dat, hoe een personage van middelbare leeftijd uit een ander land, die niets met mij te maken had, me zo emotioneerde. Ik moest er zo hard om lachen dat mensen rondom mij vreemd opkeken.”

Haar ouders hadden niet zo veel met literatuur. “Toch kon ik altijd wel iets vinden in hun boekenkast: werk van Simon Carmiggelt bijvoorbeeld, of Agatha Christie.”

Het idee dat mijn vader zou lezen wat ik schreef, vond ik een ondraaglijke gedachte

Pruis publiceerde stukken over literatuur in het tijdschrift De Groene Amsterdammer, maar durfde het niet aan om naar buiten te komen met haar eigen verhalen. “Na mijn studies ging ik voor de Rekenkamer werken, te vergelijken met jullie Rekenhof. Dat was een school van het leven: ik leerde te werken met hiërarchie, en moest vaak mijn verlegenheid overwinnen.”

De vader van Pruis hechtte heel hard aan het werk dat ze deed bij de Rekenkamer. “‘Verstandige baan, Mar’, zei hij vaak. En dus had ik te veel schroom om te gaan schrijven. Het hele idee dat mijn vader zou lezen wat ik schreef, vond ik een ondraaglijke gedachte.”

Baan opgezegd

“Toen mijn vader overleed was dat een enorm drama, want we hadden een goede band. Maar ook een bevrijding. Zijn ogen waren niet meer op mij gericht.” Pruis zegde haar baan bij de Rekenkamer op en publiceerde al snel haar eerste roman.

Lees ook

Lijst van artikels

Radio 1 Select