UGent doet onderzoek naar de Dodentocht: “Juiste motivatie helpt tegen pijn en verveling”

6 maart 2020
Daniel Reche via Pixabay
Joachim Waterschoot van de UGent heeft samen met andere onderzoekers onderzocht waarom iemand meedoet aan de dodentocht en welke profielen meer kans maken op slagen. Daaruit blijkt dat vooral motivatie en goesting een grote rol speelt. Fysieke voorbereiding is dan weer minder belangrijk.

"Ik was heel nieuwsgierig naar hoe mensen zichzelf gemotiveerd kunnen houden tijdens monotone taken”, vertelt Joachim Waterschoot. “Ik heb zelf twee keer meegedaan aan de Dodentocht. De eerste keer viel dat heel goed mee, maar de tweede keer was helemaal niet zo leuk. Toen ik aan de finish kwam, had ik heel veel pijn. Ik vroeg me zelfs af waarom ik zo zot was om mee te doen. Het verschil tussen de twee keren was opmerkelijk, en dat werd dan de insteek van mijn doctoraat.”

Als je jezelf veel druk oplegt, ben je gevoeliger voor pijn en verveling

Motivatie en goesting

Uit onderzoek bleek dat de fysieke voorbereiding onderdoet voor de motivatie van de wandelaar. “Motivatie blijkt heel belangrijk”, legt Waterschoot uit. “Mensen die met veel druk starten en zich willen bewijzen, hadden veel minder kans om aan te komen. Mensen die heel veel goesting hadden en het relevant, zinvol en plezant vonden, gingen de tocht dan weer als plezierig ervaren. De juiste motivatie blijkt mensen te beschermen tegen gevoelens van pijn en verveling. Als er druk aanwezig is, zit je meteen in een negatieve cyclus. Dan word je zelfs gevoeliger voor pijn en verveling.”

Leeftijd

Maar Waterschoot ontdekte nog veel meer. “We zagen bijvoorbeeld ook nog dat mannen meer kans hebben om aan te komen”, zegt hij. “En ook dat er een enorm leeftijdseffect was. Oudere mensen kwamen veel vaker aan dan jonge mensen. Er valt eigenlijk nog heel veel te onderzoeken. Volgend jaar willen we graag de fysieke en mentale voorbereidingen eens in kaart brengen.”

Al wandelend ondervragen

Voor zijn doctoraat werkte Joachim Waterschoot samen met andere onderzoekers van de UGent. “We hebben met een vragenlijst gewerkt die mensen drie dagen voor de Dodentocht moesten invullen”, vertelt Waterschoot. “Tijdens de tocht zelf hebben we ook nog vragen gesteld. We hebben geprobeerd om dat zo comfortabel mogelijk te laten verlopen voor de wandelaars. Zo stapten we bijvoorbeeld mee en konden de vragen ook mondeling beantwoord worden.” Uiteindelijk verzamelde Joachim Waterschoot en zijn team data van zo’n 1400 wandelaars.

Beluister het volledige fragment:

Lees ook:

Radio 1 Select