Vondst in archieven van Vaticaan bevestigt vermoedens over Jan Van Eyck: "Zekerheid over echtgenote en geboorteregio"

20 juni 2021
© Jonas D'hollander (Belga)
Jan Van Eyck (1390-1441) is een van de grootste kunstschilders die de Lage Landen ooit gekend hebben, maar eigenlijk weten we bitter weinig met zekerheid over het leven van de man achter onder meer het Lam Gods. Een nieuwe vondst in de archieven van het Vaticaan brengt daar verandering in.

De meeste informatie die we hebben over Van Eyck dateert van na zijn dood. Nu blijkt dat hij op 26 maart 1441, een half jaar voor zijn overlijden, een verzoek heeft gericht aan paus Eugenius IV. Historicus Hendrik Callewier van het Rijksarchief en de KU Leuven deed de ontdekking in de Vaticaanse archieven. Zijn bevindingen zijn verschenen in het wetenschappelijke tijdschrift Simiolus en in de Nederlandse krant NRC.

"Ik heb in de administratie van het Vaticaan een aanvraag gevonden van een document van Jan Van Eyck en zijn echtgenote Margareta", legt Callewier uit aan VRT NWS. "Van Eyck vraagt een brief aan die hem toelaat om te gaan biechten met oog op het vergeven van zijn zonden."

Het gaat dus voor alle duidelijkheid om het administratieve spoor van de brief. "De brief zelf is bezorgd aan Van Eyck en is verdwenen."

Het is een uitzonderlijke vondst. "Het is voor het eerst dat we in een document van tijdens zijn leven Jan Van Eyck vermeld zien samen met zijn echtgenote Margareta", zegt Callewier. Het werpt ook een nieuw licht op zijn mogelijke geboorteplaats. "Er zijn de afgelopen honderd jaar tien verschillende plaatsen genoemd, met Maaseik als meest waarschijnlijke kanshebber."

"Er was geen enkel document uit zijn tijd dat zegt waar hij van afkomstig is", zegt Callewier. "De aanvraag in het Vaticaanse archief zegt duidelijk dat hij uit het bisdom Luik komt. We kunnen nu een aantal plaatsen uitsluiten." Mogelijke kanshebbers blijven nog steeds Maaseik, Bergeijk, Maastricht en Arendonk die alle vier in het toenmalige bisdom lagen.

De aanvraag zegt ook wel iets over de mentaliteit van Van Eyck. "Een kunstschilder die een aanvraag doet bij de paus is ongezien in die periode", zegt Callewier. "Door die aanvraag bootst hij zijn klanten na. Hij is eigenlijk een ambachtsman, maar zet zich op dezelfde hoogte als die hoge geestelijken, als die bourgeoisie die zijn klanten zijn."

Beluister het gesprek met Hendrik Callewier in 'De Ochtend' via Radio 1 Select

Bron: vrtnws.be en 'De Ochtend'