"Vroeger berekende ik de afstand tussen ons huis en de winkel in meters. Nu in aantal bedelaars."

13 oktober 2017
The Guardian mag Gent misschien getipt hebben als toeristische hotspot, toch zijn het niet alleen hippe Britse toeristen die hun weg naar de stad hebben gevonden. Ook bedelaars beginnen hun weg naar de Gentse straten te vinden. De 500 meter tussen Sam De Graeves thuis en zijn vaste supermarkt is ondertussen de werkplek van drie bedelaars geworden. En zo goed als Sam De Graeve is, brengt dat voor hem vooral dubbele gevoelens met zich mee.

Vroeger berekende ik de afstand tussen ons huis en de supermarkt in aantal meters. Het is een slordige vijfhonderd meter. Nu reken ik in aantal bedelaars. Vroeger waren het er geen, dan was er één, nu zijn het er drie.

Gent is een erg populaire stad. De man onder de brug noemt mij chef. Meestal zie ik hem ’s ochtends. Het is niet zijn slaapplaats, ik heb hem ook al zien toekomen. Hij is wat moeilijk te been, en neemt de bus. Samen met de andere werkmensen stapt hij dan uit. Hij spreidt zijn dekentje, doet zijn jas stevig dicht, en dan zet hij zich, klaar voor de werkdag.

Alles aan de man straalt aardigheid uit. Hij heeft altijd een brede grijns van oor tot oor, die breder en breder wordt naarmate het bedrag dat je geeft hoger is. Ik overweeg een briefje van twintig te geven, benieuwd wat hij dan gaat doen met die mond van hem. ‘Chef’ is eigenlijk het enige woord dat we gemeenschappelijk kennen. Of neen, hij kent ook het woord ‘merci’.

Onze relatie is duidelijk. Ik zeg glimlachend ‘chef’ tegen hem en gooi een of meerdere muntstukken in zijn mandje. Hij zegt lachend ‘merci, chef’ tegen mij. Zo makkelijk kan een deal zijn. Wij hoeven niks op papier te zetten, er is vertrouwen, we hebben een heldere samenwerking die nog jaren kan blijven duren. Het geeft me een goed gevoel.

Dat gevoel duurt ongeveer honderd meter. Want daar zit de volgende bedelaar, aan de ingang van de supermarkt. Het is een dame die op haar knieën zit, smekend. Die geef ik niks, en dat geeft me een slecht gevoel, want ik kan geen écht goede argumenten vinden waarom ik dat niet doe. Ik voel me slecht als ik de supermarkt binnen ga, en ook als ik de supermarkt buiten ga.

Vriendelijk kijk ik naar haar, snelwandel de vijfhonderd meter naar huis en stort me op het nieuws, zoekend naar suggesties om de wereld alsnog te redden.

Radio 1 Select