Waarom de gele trui nooit meer aangevallen wordt in de laatste rit

21 september 2020
Tadej Pogacar (© Belga Photo Pool)
“Eerlijke vraag van een koersleek: waarom wordt de gele trui nooit meer aangevallen in de laatste rit?” Dat schreef collega Lode Roels op Twitter. Wielerauteur Rik Vanwalleghem gaf enkele verklaringen in 'Nieuwe Feiten'.

“Het ging er heel gemoedelijk aan toe tijdens de laatste Tourrit” merkte Lode Roels op. “Er werd amper nog gereden, er werden schouderklopjes uitgedeeld, er werd gelachen en er werd geposeerd voor foto’s” zegt hij in 'Nieuwe Feiten'. Is die laatste rit dan niet een beetje nutteloos?

(lees verder onder de tweet van Lode Roels)

“Er zijn verschillende redenen” reageert Rik Vanwalleghem, directeur van het Centrum Ronde van Vlaanderen, in ‘Nieuwe Feiten’. Zo is aanvallen in die laatste rit een onbegonnen zaak, zegt hij. “Er zijn te weinig hindernissen, en zo kan je het verschil niet maken. Je zit ook met de spurtersploegen die een uitgelezen kans krijgen om te winnen op de Champs-Elysées: als er een ontsnapping op gang zou komen, zouden ze die meteen teniet willen doen.”

Daarnaast is er ook de traditie van “samen uit, samen thuis”. Na een zware Tour willen de renners even “decompressiegewijs genieten”. “Het is bijna een ongeschreven wet dat de koers is afgelopen. Je ziet wel de rondjes op de Champs-Elysées waarin er serieus gevlamd wordt, maar je valt elkaar niet meer aan.”

1979

Het is ondertussen al van 1979 geleden dat er nog eens een echte aanval gebeurde in de laatste rit. Toen anticipeerde gele trui-drager Bernard Hinault zelf op een aanval van de tweede in de rangschikking: Joop Zoetemelk. Maar tegenwoordig is het dus not done, en zou het als uiterst onsportief worden beschouwd.

Beluister het gesprek met Lode Roels en Rik Vanwalleghem in 'Nieuwe Feiten':

Lees ook: