Waarom is de term "bakfietsouder" zo beladen?

7 september 2017
Enkele dagen geleden vroeg juf Els Cespedes zich af waarom de kindjes van de bakfietsouders niet naar haar school in de Seefhoek komen. Eerder maakten ook Nigel Willams en Alex Agnew al bedenkingen. En Bart De Wever natuurlijk. We kunnen er niet omheen: de term “bakfietsouder” is bijzonder beladen geworden. Hoe komt dat?

“Het hart links, de portefeuille rechts en de bak vooraan op de fiets” zo werden bakfietsouders ook al omschreven (De Standaard, 2011). Of je het daar nu mee eens bent of niet: hoe komt het dat een eerst neutrale term zo beladen kan worden? Annemie Peeters legde de vraag voor aan Jef Verschueren, hoogleraar taalkunde aan de UA. (Zelf geen bakfietsouder trouwens, maar hij heeft wel een zoon en een schoondochter die bakfietsouders zijn)

Van bakfiets…

Eerst even een beetje geschiedenis. “Het woord bakfiets is eenvoudig” begint Verschueren. “Het is een fiets waar een bak aan gemonteerd is”. De oudere mensen onder ons zullen zich wel herinneren dat die fiets gebruikt werd als bestelwagentje. Dát gebruik van de bakfiets is ondertussen verdwenen uit het straatbeeld, maar er kwam vervolgens iets gelijkaardigs – met kindjes - op de markt. “Dus de term was gauw gevonden”. 

Vroeger werden er dus goederen mee vervoerd, terwijl dat vandaag kinderen zijn. En dat geeft meteen ruimte om er “humoristisch” mee om te gaan. Want als je een term van één context naar een andere context verschuift, kan je er ironiserend mee gaan spelen. En daarna is de volgende stap snel gezet: Heel snel kan je ook van ironie naar sarcasme gaan”.

… naar bakfietsouder

Vervolgens kom je van de term bakfiets tot bakfietsouder. Je beschrijft iets aan de hand van iets anders dat er mee geassocieerd is. Dit heet metonymie. Denk bijvoorbeeld ook aan de term “Witte Huis”: dat gaat meestal over de Amerikaanse regering, en niet over een wit huis.

Je gaat dus gebruik maken van één aspect van het gedrag van een categorie van mensen, en ze daarmee in hun totaliteit benoemen. “Het resultaat daarvan is een heel vaag begrip. Want we weten allemaal dat mensen die met bakfietsen rijden niet te reduceren zijn tot die specifieke vorm van gedrag” zegt Verschueren “En wanneer je een vage term hebt, kan je vervolgens ook makkelijk stereotypie creëren”.

...naar Buckler-lul

Maar wat moeten de bakfietsouders nu doen om de negativiteit te keren? “Dat heb je niet in de hand” zegt Verschueren. “Omdat iedereen gebruik kan maken van termen zoals ie dat wilt”.

Al kan zoiets verregaande gevolgen hebben. Denk bijvoorbeeld aan wat er gebeurd is met Buckler, het alcoholarme bier van Heineken. Liefhebbers van het bier werden door Yoep van ’t Hek in zijn eindejaarsconference “Buckler-lul” genoemd. Het bier moest uiteindelijk uit de handel genomen worden, en zou Heineken zo’n 400 miljoen euro gekost hebben. (bron: biernet.nl)

Maar zo’n vaart zal het met de bakfietsen wel niet lopen.