Waarom je beter niet gaat werken op 15 oktober

13 september 2018
Wie op 15 oktober gaat werken kan maar beter geen grote dingen inplannen. Volgens een Canadese studie zou het kunnen zijn dat je de dagen na de verkiezingen een pak minder productief bent omdat je favoriete partij niet verkozen is.

“Als je je al te erg verdiept in je persoonlijk keuze of favoriete partij zou het kunnen zijn dat je met een emotionele kater zit wanneer die niet verkozen zijn”, vertelt Herman van den Broeck, professor Organisational Behaviour bij Vlerick en Economie en Bedrijfskunde aan de Universiteit van Gent in Nieuwe Feiten.

De vaststelling vloeit uit de resultaten van een Canadees onderzoek. Men keek naar het engagement van Amerikaanse werknemers na de verkiezingen tussen Trump en Clinton. Maar die resultaten kunnen we niet meteen op ons land toepassen. “In Amerika stelt men één partij tegen een andere op. Dat is veel extremer. Onze verkiezingen tellen veel meer partijen en zijn daardoor ook complex”, vertelt van den Broeck.

Na een wereldkampioenschap volgt ook meestal een babyboom.

Waarom voelen we toch nog mee? Typisch mensen, volgens van den Broeck. “Wij gaan ons soms heel hard identificeren met iets. Neem nu sportevenementen. Na een wereldkampioenschap volgt ook meestal een babyboom.” Vooral bij mannen is het gevoel aanwezig. Het winnende team voelt zich supersterk, ze geloven dat ze alles aankunnen en gaan misschien de dag nadien domme beslissingen maken. Het andere kamp baalt en voelt zich verveeld. “Ik zou politiekers aanraden om een cool down in te plannen en geen te grote beslissingen te nemen”, aldus van den Broeck.

Ik zou politiekers aanraden om een cool down in te plannen en geen te grote beslissingen te nemen

In België valt het allemaal wel nog mee. Ons identificatieniveau is gewoon ook minder sterk. “In Vlaanderen moet je je niet zo vaak naar je omgeving toe verantwoorden op politiek vlak. Vlamingen kunnen dingen ook heel makkelijk relativeren.” De economische schade op 15 oktober zal dus niet zo schadelijk zijn als onderzoekers denken.

Bron: Nieuwe Feiten