Wat doet mishandeling met een kinderbrein?

6 november 2020
De gevolgen van kindermishandeling zijn niet te onderschatten. Zelfs tientallen jaren na de feiten kunnen slachtoffers nog last hebben van angsten, nachtmerries en psychosomatische klachten. Het trauma verankert zich in je lijf. Prof. Peter Adriaenssens zoomt in op het kinderbrein en legt uit waarom volwassenen nog steeds kunnen lijden onder hun jeugdtrauma in de Universiteit van Vlaanderen.

Dat kindermishandeling niet gezond kan zijn voor de ontwikkeling van het kind, weet iedereen. Maar hoe komt het dat het zo diep ingrijpt? Hoe komt het dat het twintig jaar later nog steeds invloed kan hebben op iemands leven? “Kindermishandeling beantwoordt aan de criteria van wat wij een psychotrauma noemen”, vertelt Professor Peter Adriaenssens. “Dat wil zeggen dat het een heel stressvolle ervaring is die je machteloos en oncontroleerbaar maakt. Denk bijvoorbeeld aan seksueel misbruik waar je een heel intense angst voelt en waarbij je mogelijkheden om daarmee om te gaan worden geblokkeerd, omdat je je ofwel bedreigd voelt of je schaamt.”

We weten al lang dat zulke gebeurtenissen invloed hebben op het psychologisch welzijn. Slachtoffers klagen over nachtmerries, herbelevingen, de nood om controle te houden over een situatie, enzovoort. Maar hoe komt het dat als het geweld gestopt is en mensen geleerd hebben om erover te praten, ze toch nog jarenlang stressgebonden gezondheidsklachten blijven hebben? “Dankzij de hulp van andere disciplines, hebben we hier een antwoord op kunnen vinden. Naast psychologen en psychiaters, hebben neurowetenschappers enkele opmerkelijke verschillen gevonden in hersenscans van mensen die een trauma ondergaan hadden.”

Lees verder onder de foto:

Peter Adriaenssens in de Universiteit van Vlaanderen

Drie niveaus

De neuropsychologen hebben op drie niveaus enkele opmerkelijke verschillen gevonden. Zo beschadigt kindermishandeling de structuur van de hersenen, de stress-huishouding en het emotionele geheugen.

De structuur van de hersenen begint bij de ontwikkeling van de hersenen bij baby’s. Zenuwcellen van baby’s zijn erg afhankelijk van stimulatie en prikkels. Als je een baby veel laat ruiken, proeven, praten en spelen, dan zullen de zenuwcellen actiever worden en meer aftakkingen vormen. Dit noemen we het neuraal netwerk. Het neuraal netwerk zorgt ervoor dat we kunnen leren, aandachtig zijn en ons kunnen concentreren. Maar deze ontwikkeling kan ook in de omgekeerde richting gaan. Als een kind te weinig gestimuleerd wordt, getuige is van geweld tussen zijn ouders of traumatische ervaringen zoals seksueel misbruik meemaakt, dan wordt de neurale stimulatie geblokkeerd en krijgt het kind een beperkter netwerk. Op deze manier kunnen kinderen enkele belangrijke vaardigheden verliezen die ze eerst wel hadden, wat natuurlijk een indrukwekkende impact heeft op het leven van het kind.

Daarnaast heeft kindermishandeling ook effect op het regelen van stress-houding. Stress speelt een belangrijke, positieve rol in ons leven. Een beetje stress maakt ons creatief en zorgt ervoor dat ons geheugen goed functioneert . “Maar te veel stress is natuurlijk niet goed", vertelt Adriaenssens. “Kinderen die mishandeld zijn, krijgen door het trauma een continue shot van het stresshormoon, cortisol. Dit heeft een giftig effect op de ontwikkeling van de zenuwcel, die onder het stresshormoon veel armer is dan in de gewone, gemiddelde omstandigheden. Te veel stress zorgt voor celverlies waardoor de werking van het geheugen beïnvloedt wordt. Dit kan grote gevolgen hebben voor het slachtoffer, bijvoorbeeld als er getuigd moet worden. Slachtoffers kunnen zichzelf wel eens tegenspreken als hen gevraagd wordt wanneer en waar de feiten juist plaatsgevonden hebben, omdat het geheugen hen verraadt.”

Tenslotte heeft kindermishandeling een effect op het emotioneel geheugen. “Er is een verband tussen stress en het emotioneel geheugen. In normale omstandigheden werkt het emotioneel geheugen, of de amygdala, evenwichtig samen met onze ‘wijze hersenen’. De amygdala zorgt er bijvoorbeeld voor dat we de ruimte verlaten als we brandlucht ruiken, omdat we dat linken aan gevaar”, aldus Adriaenssens. “Neurobiologen hebben echter vastgesteld dat kindermishandeling het amygdala hyperactief maakt, waardoor het slachtoffer in een continue alarmfase leeft en nooit gerust is. Dit verklaart waarom slachtoffers vaak slecht slapen en zich niet goed kunnen concentreren. Dit vals gevoel van gevaar tast de levenskwaliteit van slachtoffers erg aan. Ze worden bijna dagelijks geconfronteerd met wat ze ooit als kind meegemaakt hebben.”

Teken van hoop

Slachtoffers denken al snel dat deze gevolgen voor het leven zijn, maar volgens wetenschappers zijn de traumatische beschadigingen omkeerbaar. “De hersenen zijn een plastisch gegeven, wat wil zeggen dat op basis van individuele behandelingen de hersenen zich opnieuw kunnen aanpassen. Dit is een heel belangrijke boodschap”, vertelt Adriaenssens. “Langs de ene kant bieden we de slachtoffers de erkenning die ze nodig hebben en langs de andere kant kunnen we hen een teken van hoop geven voor een normaal leven. We denken vaak dat kindermishandeling meemaken en de schade daarvan een bepaald lot is dat je treft, maar we hebben meer invloed op het lot dan we denken.”