"Wie kwam ooit op het onzalige idee om met een fiets door het veld te rijden?"

22 september 2017
Fietsen door een veld, waarom doe je dat in godsnaam? En daarbij: waarom heet een fiets, fiets?

“Papa, waarom heet een jas eigenlijk jas?”

Ik moet lachen. “Het is maar een naam, zoals jij Janne heet en ik Ward.”
Maar daar neemt ze geen genoegen mee, terwijl ze haar boekentas om haar schouders hangt. En ze volhardt in haar nieuwsgierigheid.
Onderweg naar school de auto, de lavendelplant van de buurman, de losse trottoirtegel…

“Waarom heet alles alles?” Marc groet ’s morgens de dingen. Mijn dochter vraagt zich ’s morgens dingen af.

Ze lijkt op mij, denk ik, terwijl ik tegelijk prikkelende antwoorden zoek (vergeefs) en mijn eigen onwetendheid vervloek.

Ik wou weten waarom je “dag directeur” moet zeggen tegen het schoolhoofd, “dag agent” tegen de politieman die me het zebrapad over helpt en niet “dag gehandicapte” tegen die mevrouw in de rolstoel. Ze kon er trouwens heel hartelijk mee lachen, dus wat was het probleem?

Wie is daar ooit mee begonnen? Nog zo’n vraag. Het is vaak in een sportcontext dat ze me overvalt.
Wie begon met zijn heupen te wiegen, deed alsof hij liep, vond bizarre regels uit en noemde het snelwandelen? Wie wou verder springen, door eerst te hinken en te stappen?

De vraag doodt de beleving helemaal, want daar sta je dan. Jezelf, ik zeg maar wat, af te vragen wie ooit op het onzalige idee kwam om met een fiets, die er niet voor gemaakt is, in een veld te rijden, dat er evenmin voor gemaakt is. De logica alleen maar bevestigend door de fiets de halve rit op zijn schouder te moeten gooien, waar noch de schouder noch de fiets voor gemaakt zijn. Ondertussen vergeten mensen rondom je alles, zo opgaand in het zoveelste bloedstollende duel van Aert-van der Poel. En ligt niemand wakker van je vraag.

Daniel Gousseau heet de man trouwens, beweren sommigen. Hij die ermee begonnen is, rond 1900, met dat fietsen in het veld. De jonge rekruut in het Franse leger stak als eerste zijn vinger op toen zijn oude generaal Guillaume Bonnal, een held in de Frans-Pruisische oorlog, iemand zocht die hem per fiets wou begeleiden tijdens zijn tochtjes te paard. Als er ooit iets zou gebeuren met paard en generaal, dan kon die vrijwilliger snel hulp zoeken met dat wonderlijke nieuwe transportmiddel.

Of Gousseau ooit als een gek naar de dorpsdokter moest crossen, is niet geweten, maar het fietsen in het veld beviel hem. Hij sprak erover met andere rekruten en in 1902 organiseerde hij het eerste Franse kampioenschap veldrijden. Ferdinand de Baeder won het. Nog vragen?

Voilà, nu heb ik een antwoord. Zoals vaak veel banaler dan de vraag.

En toch blijf ik het een vreemd zicht vinden, dat veldrijden.

En waarom heet een jas in godsnaam jas?

Ward Bogaert maakt radio en podcasts voor Radio1. Hij kijkt vol verwondering naar sport. Zijn helden zijn meestal dood en/of lang vergeten.

Radio 1 Select