Matt Berninger - Serpentine Prison

19 oktober 2020
Matt Berninger, bekend als de charismatische frontman van The National, heeft vorige week zijn eerste soloalbum uitgebracht. Samen met Booker T. Jones trok hij de studio in om te werken aan ‘Serpentine prison’. Wat in 2018 begon als een luchtig coveralbum, eindigde bijna 2 jaar later als een ingetogen en oprechte debuutplaat, van een reeds doorwinterde artiest.

Op Kerstavond 2018 dook er uit het niets een geheimzinnige Instagrampagina op. Matt Berninger onthulde het eerste bericht van ‘Serpentine prison’ op zijn eigen profiel: “Sorry Dad, I know you asked for gardening tools but I made you this record instead. Love Matt.”

Een coverplaat, dat was het oorspronkelijke idee. Matt Berninger mailde in december 2018 naar het management van Booker T. Jones of de legendarische producer/muzikant geïnteresseerd zou zijn om met hem aan een album te werken. Vanuit het kamp van Jones kwam er meteen een positieve reactie. De weken erop mailden de twee ideeën en demo’s heen en weer. Berninger stuurde naast covers ook demo’s van originele nummers, waar hij met vrienden als onder andere Walter Martin (The Walkman), Mike Bruhler (Nancy) en Sean O'Brien aan geschreven had, maar die nooit een plaats hadden gevonden bij The National. Toen ze elkaar in de zomer van 2019 fysiek ontmoetten om de plaat op te nemen, wou Jones de focus meer leggen op de originele nummers, en minder op de covers.

Booker T. Jones was sort of like an amazing shepherd. Whenever he was leading you somewhere, you just felt really safe and really excited.
Matt Berninger

10 originele nummers, 8 covers: dat is wat resulteerde uit de sessies met Booker T. Jones. Reeds verschenen zijn de covers van Inbetween days (The Cure) en Holes (Mercury Rev). Op de deluxe uitgave van de plaat staan de overige 6, waaronder Let it be (The Beatles) en The end (The Doors). De covers waren volgens Berninger een belangrijk onderdeel van het album. “The covers helped me figure out how to do the originals”, vertelde hij in het interview met Korneel. Alle nummers die hij samen met anderen schreef voelden aan als zijn eigen nummers, maar het waren geen broers of zussen. Volgens Berninger waren ze weeskinderen. Gelukkig kregen ze veilig onderdak door Jones en Sean O'Brien (naast mede-songwriter ook engineer op de plaat).

Het wederzijds respect tussen Jones en Berninger, en de bewondering voor elkaars werk is een rode draad doorheen de plaat. De 3 decennia die hen scheiden smelten door de vlekkeloze synergie volledig weg. De nummers doen vanzelfsprekend denken aan The National, maar toch zit er een andere sfeer in. De nadruk ligt voornamelijk op akoestische instrumenten, waardoor het album een verfrissend gevoel geeft, ondanks de kenmerkende zware en weemoedige teksten van Berninger. Met 'Serpentine prison' bewijst Matt Berninger voor de zoveelste keer waarom hij een van de meest unieke frontmannen is die de rockmuziek anno 2020 rijk is.