Paul McCartney - McCartney III

4 januari 2021
50 jaar na I en 40 jaar na II vervolledigt Paul McCartney zijn triptiek met III. Of het bij dit drieluik blijft laat hij zelf in het midden, er zit wel één constante in deze genummerde reeks: Sir Paul speelt alle instrumenten zelf.

De reden waarom Paul McCartney alles zelf doet op 'McCartney III' is wel heel anders dan bij de twee voorgangers. 'McCartney' kwam er in 1970, meteen na de split van The Beatles. Zijn eerste soloplaat was een sterk staaltje huisvlijt, maar nogal wisselvallig van kwaliteit. Er staan nogal wat opvullers op en het album laveert tussen niemendalletjes las Lovely Linda en de geweldige rockballad Maybe I'm amazed, die intussen tot een stevige classic is uitgegroeid.

'McCartney II' kwam er nadat Wings ermee gestopt waren in 1980. In een soort van tegenreactie tegen de popformule die Wings geworden was deed Sir Paul weer alles zelf, met helaas een teveel aan syntheziers en toch ook hier weer één klassieker: Coming up.

Nu is de ontstaansgeschiedenis danig anders. Geen band die net gestopt is, maar de hele wereld die stilgevallen was. Door de lockdown, door McCartney steevast de rockdown genoemd, bevond hij zich in zijn buitengoed in Sussex, met alleen zijn derde vrouw Nancy, zijn dochter Mary, haar man Simon en hun zonen. Leuk detail: de nu 51-jarige Mary nam de officiële foto's bij deze release, terwijl ze 50 jaar geleden op de achterhoes van 'McCartney' prijkte, veilig geborgen in de winterjas van haar papa.

achterhoes McCartney I
achterhoes McCartney I

Met vooral tijd omhanden en een homestudio binnen handbereik begon McCartney wat doelloos muziekjes opnemen, tot When winter comes langskwam, een korte animatiefilm van Geoff Dunbar waar Macca muziek voor zou schrijven. Een soortement hippiesong over de natuur - een thema dat we al vaker zagen langskomen bij McCartney. Het werd het sluitstuk van het album, ook letterlijk, het is de laatste song en het tegengewicht ervan, Long tailed winter bird, werd de opener.

Tussen song 1 en song 11 zitten - uiteraard - 9 songs, met precies in het midden de pièce de résistance, het nummer Deep deep feeling. Het valt al meteen op door zijn lengte: 8 minuten en 22 seconden (terwijl de andere popgewijs mooi rond de 3 minuten blijven, op twee 5-minuters na). Maar er is meer aan de hand met Deep deep feeling, het is een groove vol herhalingen en lagen die op- en afbouwen. Niet de gebruikelijke Vrolijke Hans, de Eeuwige Optimist die we intussen 60 jaar kennen, maar een - voor zijn doen - best wel duistere McCartney. Opmerkelijk, maar geen nood: de rest van het album is vintage McCartney. III namelijk.