Tame Impala - The Slow Rush

24 februari 2020
“Ik had geen tijd om bang te worden”, aldus Kevin Parker toen in november 2018 de vlammen van de Californische bosbranden aan de voordeur van zijn huurhuisje likten. Het brein achter Tame Impala reageerde bliksemsnel: hij redde zijn laptop en zijn Höfner-basgitaar en reed Malibu uit. Voor wie het zich afvraagt: Parkers huurhuis brandde helemaal af.

Dat de Australische frontman van Tame Impala precies bovengenoemde zaken van de vlammenzee redde, heeft iets poëtisch. Een laptop en een basgitaar: beats en bass. De groove! 'The slow rush', de vierde plaat van zijn wonderlijke psychedelische popproject, drijft erop. Zijn warme, organische drive haalt de mosterd bij de bands waarmee Parker opgroeide. De yacht rock van de jaren tachtig, tussen Doobie Brothers en Hall & Oates. Of de elektronische discofunk van Franse housevernieuwers zoals Daft Punk en Cassius - luister maar naar Glimmer, dat zwierig tolt onder een imaginaire discobol.

Niet dat 'The slow rush' als een verrassing aandoet. Op Tame Impala’s voorganger ‘Currents’ maakte Parker al een knieval voor de synthpop uit de eighties. Die sound diept hij deze keer verder uit, met een weemoedig hart, want bij de bron van deze nieuwe liedjes ligt een bescheiden identiteitscrisis. De plaat start met de ijle discopop van One more year en sluit af met One more hour, progrock vol synths die rücksichtlos de kosmos opzoeken.

Tussen die twee songs cruisen we door één jaar van Parkers leven. Hij worstelde er met het sterrendom. Hij trad in het huwelijk. Herschikte zijn prioriteiten. Dacht na over zijn relatie met zijn vader die hem als kind in de steek liet en die in 2009 aan kanker stierf. “And you could store an ocean in the holes / In any of the explanations that you gave”, zingt Parker daarover in de psychedelische sleper Posthumous forgiveness. “And while you still had time, you had a chance / but you decided to take all your sorrys to the grave”.

In het verraderlijk euforische Instant destiny mijmert hij over het genadeloze verstrijken van de tijd. Hij wil er “iets geks” doen, zoals een huis in Miami kopen met zijn geliefde. Met haar trouwen. Haar naam op zijn arm laten tatoeëren. Verloren onschuld terugvinden. In de verrukkelijke single Lost in yesterday veegt hij de fouten uit het verleden en de slechte herinneringen onder het tapijt, op een superbe groove bovendien (dat puntige basje!). It might be time, dat schaamteloos aan Supertramp refereert, dwingt ons om lang en hard in de spiegel te kijken: “You ain’t as cool as you used to be / You won’t recover”. Auw.

Aan het einde van de plaat lepelt Parker ons de vraag in: en wat nu? Wat volgt? “Geen idee”, zei hij daar zelf over. “Het enige wat ik weet, is dat ik mezelf niet mag verloochenen.” Heeft hij tot dusver niet gedaan, trouwens. 'The slow rush' voelt aan als een funky ontbolstering. Duik er diep in!

Radio 1 Select