Wordt 'Nederlands Engels' een aparte taal?

10 maart 2016
Nederlands is geen expansionistische taal zoals het Frans of - en vooral - het Engels. Maar volgens een Australische taalwetenschapper zou het Nederlandse Engels het wel eens tot een aparte internationale taal kunnen schoppen.
Zou het ‘Nengels’ - ‘Dunglish’ zeggen ze over het kanaal (een porte-manteauwoord van Dutch en English) - ooit uitgroeien tot een echte taal?
 
Volgens NRC zit die kans er dik in: 'Engels wordt in Nederland zo vaak en zo goed gesproken dat het van een buitenlandse taal een tweede taal wordt' lazen we daar. De Nederlandse krant haalt er de Australische taalwetenschapper Alison Edwards bij die twee jaar geleden aan de Universiteit van Cambridge promoveerde op een onderzoek naar ‘Nederlands Engels’.
 
Volgens Edwards zijn lachwekkende uitdrukkingen als 'I fall with the door in house', 'I haven’t eaten cheese of that', 'We use gas from our bottom' of 'That's another cook' net een verrijking voor het Engels.
 
Nu is Nederlands-Engels natuurlijk geen nieuw fenomeen. Neem bijvoorbeeld het steenkolenengels dat Nederlandse havenarbeiders begin vorige eeuw gebruikten om te communiceren met de bemanning van Britse steenkolenboten.
 
Maar zou dat steenkolenengels van de 21e eeuw kunnen uitgroeien tot de lingua franca van de internationale handel en diplomatie?
 
Interessant is in dat verband de analyse van een onderzoeker van de Universiteit van Nottingham die gewerkt en gewoond heeft in Nederland, Frankrijk, Canada, Japan, Luxemburg en Denemarken. In een recent artikel poneert hij dat mensen die Engels als moedertaal spreken tegenwoordig in het nadeel zijn in een internationale context omdat ze 'hun' Engels niet willen aanpassen en weinig voeling hebben met ‘internationaal Engels’.
 
Nieuwe Feiten was benieuwd naar de visie van Marc Van Oostendorp, een taalwetenschapper die een flink aantal jaren geleden een warm pleidooi voor steenkolenengels schreef. 

Radio 1 Select