"Zijn er dan geen grenzen als je je kind niet straft? Natuurlijk wel"

30 maart 2018
Gezinspsychologe Nina Mouton ziet geen heil in het straffen van een kind. Zo leg je grenzen die geen link hebben met het gedrag van het kind, vindt ze. "Het zijn onnatuurlijke, opgelegde grenzen voor jezelf, voor het kind en voor de situatie." Hoe breng je duidelijke grenzen dan wel aan?

In mijn vorige column had ik het over het niet straffen van kinderen en enkele mogelijkheden om uit de machtsstrijd met je kind te blijven. Vaak wordt gedacht dat kinderen geen grenzen krijgen als er thuis niet wordt gestraft. Niks is minder waar.

Laten we even nader bekijken wat het straffen van een kind inhoudt. Door te straffen leg je grenzen op die vaak geen link hebben met het gedrag van het kind. Het zijn onnatuurlijke, opgelegde grenzen voor jezelf, voor het kind en voor de situatie.

Er zijn twee mogelijkheden. Je neemt hen iets af: schermtijd, speelgoed, je aanwezigheid en het gevoel erbij te horen (door hen in de hoek of op time-out te zetten), enzovoort. Of je dient iets toe: je geeft je kind een tik op z’n achterste, je beledigt hem, je gebruikt vermanende woorden, enzovoort.

Als je straft zijn er twee mogelijkheden: je neemt iets af, zoals schermtijd, of je dient iets toe, zoals een tik op z'n achterste

Zijn er dan geen grenzen als je niet straft? Natuurlijk wel.

Er zijn de grenzen van het kind. Het gaat niet alleen om de voorkeuren van het kind, maar ook om hun leeftijd, hun mogelijkheden en beperkingen. Zaken waar wij rekening mee houden en waar we broers en zussen empathisch om met leren gaan.

Gedrag kent ook natuurlijke grenzen. Je kind wil z’n jas niet aantrekken als het vriest? Oké, laat hem maar doen. Zo laat je hem zelf ontdekken waarom hij best wel een jas draagt. Ervaringsleren is vaak een sterke manier om iets te leren, zonder dat jij het eindeloos hoeft uit te leggen. Want koud, wat is dat? Laat het hen zelf aanvoelen. In mijn ervaring staan ze snel binnen om toch die jas aan te doen. En jij hebt niet moeten zagen van ’s morgensvroeg: win-win.

Ervaringsleren is vaak een sterke manier om iets te leren, zonder dat jij het eindeloos hoeft uit te leggen

En er zijn ook onze grenzen. Net zoals wij rekening houden met de kinderen hun onderliggende behoeften, leren we hen ook rekening te houden met die van ons. Als ik bijvoorbeeld een zware dag heb gehad, dan heb ik graag rust in huis en communiceer ik dit naar mijn kinderen. Ik geef mijn grens zo snel mogelijk aan, zo heb ik het minste kans om mijn geduld te verliezen, wat aangenamer is voor ons allemaal.

Ook de normen en waarden die we willen meegeven aan onze kinderen, creëren grenzen. We vinden het bijvoorbeeld belangrijk dat we samen eten, een gezinsmoment waarop dus geen schermtijd wordt ingelast. Er zijn wel regels in ons huis, maar die zijn gebaseerd op wederzijds gemaakte afspraken.

Er zijn wel regels in ons huis, maar die zijn gebaseerd op wederzijds gemaakte afspraken

Als we uitzoomen blijven er tot slot talloze grenzen buiten ons gezin. Maatschappelijke grenzen, regels op school, op de vrijetijdsbesteding, bij vriendjes thuis, bij familieleden... We leven niet geïsoleerd. We kunnen kinderen leren hun emoties te reguleren en ze ons mee te delen op een sociaal aanvaardbare manier, zowel binnenshuis als buitenshuis, zonder aan de emotie zelf voorbij te gaan.

De manier waarop je deze grenzen aanbrengt, is gebaseerd op wederzijds respect en vertrouwen, authenticiteit, redelijkheid en flexibiliteit. Het voordeel? Je kind zoekt veel minder vaak grenzen op.

Lees ook