Fred Deburghgraeve: "Ik heb zelfs geen zwembroek die me nog past"

22 juni 2020
Zwemmen: dat doe je voor het plezier. Of, de meeste van ons toch. Want voor sommige mensen is zwemmen niet meer gewoon een hobby, maar een passie en daarna zelfs een job. En als het een job wordt, dan verliest zwemmen ineens toch wat van zijn charme. Max Vryens belde met ex-topzwemmers Brigitte Becue, François Simons en Fred Deburghgraeve over hun sport. Hoe ze het zwemmen soms konden missen als kiespijn. En soms zelfs kotsbeu waren.

François Simons was in de jaren zestig het grootste zwemtalent dat België ooit gezien had. Maar hij stopte op zijn 21 al met zwemmen: "In het begin is het natuurlijk een verademing. Je wordt steeds beter, je behaalt resultaten, je begint naam te maken. Dat is plezant."

En toch stopte François op zijn 21 met zwemmen en ging hij voltijds waterpolo spelen op hoog niveau: "De ervaringen en de mensen die je ontmoet dankzij het zwemmen maken veel goed, maar de trainingen waren enorm saai. Je ligt uren in dat bad heen en weer te zwemmen, terwijl je de steentjes telt. Op mijn 21 dacht ik dat mijn tijd gekomen was, ook omdat ik geen progressie meer maakte."

"Gehad met de eenzaamheid"

Brigitte Becue, de beste Belgische zwemster ooit, stopte pas op haar 31 en niet uit onvrede met de sport. Maar ook zij kon de trainingsarbeid op het einde niet meer opbrengen: "Om vijf uur 's ochtends in de kou in het zwembad springen, dat is niet fijn. En op het einde had ik het ook echt gehad met alleen trainen. De eenzaamheid."

Hoewel de liefde op het einde van hun carrière toch wat over was, behielden zowel Brigitte Becue als François Simon een zeker affinitieit met het water. Becue was zelfs nog kandidaat-voorzitter van de Koninklijke Belgische Zwembond. Maar er is één ex-topzwemmer die de chloor niet meer kan ruiken: Fred Deburghgraeve.

"Ik zie geen reden om nog te zwemmen"

Deburghgraeve is nog steeds de enige zwemmer die ooit voor België een gouden olympische medaille won, heeft de laatste 20 jaar misschien tien keer gezwommen: "Ik denk zelfs niet dat ik nog een zwembroek heb die me past (lacht)."

Fred 'Raket' deed er alles aan om tijdens de Olympische Spelen in Atlanta van 1996 een toptijd neer te zetten, maar voelde na die Spelen steeds minder liefde voor de sport: "Vanaf het moment dat je het gewoon doet voor de resultaten, omdat je nog Europees kampioen wil worden bijvoorbeeld, wordt het echt een job." Deburghgraeve zag het niet meer zitten en gooide de handdoek in de ring.

"Ik steek dat niet onder stoelen of banken: de zwemsport is zowat de saaiste sport die er is. Je zit hele dagen als een goudvis in een bokaal heen en weer te zwemmen." Of hij ooit nog zal zwemmen? "Daar zie ik geen reden toe. Ik denk dat ik wel nog goed zou drijven, maar niet meer goed zou zwemmen (lacht)."

Lees ook:

Radio 1 Select