Het begin van alles

9 april 2022
Onze verre, verre voorouders waren jager-verzamelaars. Ze plukten bessen en jaagden en visten. Ze trokken rond in kleine groepjes en leefden van wat de natuur hen schonk. Alles was van iedereen, er was geen privébezit, geen wetten of reglementen, er waren geen bazen en geen knechten, onze voorvaderen waren tweehonderdduizend jaar lang vrij en onafhankelijk.

De ellende begon toen dertienduizend jaar geleden de landbouw werd uitgevonden. Als je wil boeren, heb je grond nodig. Je slaat dus paaltjes in de grond, waarmee je zegt: dit is van mij, scheer je weg.

En van het een komt het ander: je oogst moet je opslaan, van die opslag moet je een boekhouding bijhouden, dat leidt tot de uitvinding van het schrift. Je moet je opgeslagen bezit verdedingen, daar horen dus wetten en legers en gezagsdragers bij. De ene boer heeft meer dan de andere, wat leidt tot ongelijkheid en de vorming van elites, adelstand en koningen enzovoort enzovoort enzovoort...

Dat verhaal kent u. U heeft het al vaak gehoord, ook in Interne Keuken*. De uitvinding van de landbouw heeft onvermijdelijk geleid tot de complexe samenleving waarin we nu leven, inclusief uw burnout.

Beste vrienden, dat verhaal hierboven, over de landbouw die alles in gang zette, is een mythe.

Dat is de stelling die wordt verdedigd in het book Het begin van alles. Decenia lang, zo argumenteren David Graeber (antropoloog) en David Wengrow (archeoloog) is de mythe verteld en naverteld dat de geschiedenis van de mensheid rechtlijnig en dwingend is verlopen van egalitaire jager-verzamelaars naar de geordende staten waarin we vandaag leven. Terwijl archeologen tegenbewijs na tegenbewijs opgraafden. 

David Graeber en David Wengrow wijzen op het bestaan van Taljanki in Oekraïne, een stad met 15.000 inwoners, zonder landbouw, zonder handel, zonder koning, 5500 jaar geleden. Archeologen hebben verschillende grote steden gevonden die floreerden zonder hierarchische leiding. Er zijn voorbeelden te vinden op alle continenten. Lang voor de landbouw was uitgevonden heeft de mensheid zich georganiseerd. Göbekli Tepe in Turkije is daar een bewijs van: een megalitisch monument dat 6000 jaar ouder is dan Stonehenge, opgericht door jager-verzamelaars. Die hebben dat dus gebouwd vóór ze zich op landbouw hadden toegelegd en over complexe hiërarchieën beschikten. Of Poverty Point in Louisiana, een kunstmatige arena waarvoor een massa aarde is verplaatst en in terrassen gelegd. Dat moet een enorm werk geweest zijn dat planning en coördinatie heeft vereist, en dus sociale structuren die - volgens de mythe - pas na de uitvinding van de landbouw ontstonden. 

Er klopt iets niet. Volgens de theorie van de landbouwrevolutie zouden Taljanki, Göbekli Tepe en Poverty Point niet mogen bestaan.

De conclusie van Graeber en Wengrow is dat er nooit een landbouwrevolutie heeft plaatsgevonden. De overgang van jagen en verzamelen naar landbouw heeft duizenden jaren geduurd en leidde tot een veelheid van samenlevingsvormen. Er waren steden met een slaveneconomie, waar dus grote ongelijkheid gold, maar er waren net zo goed egalitaire steden, democratisch geleid. En er zijn voorbeelden van volkeren die landbouw eerst uitprobeerden, en ervoor kozen terug te keren naar een verzamelaars-economie.

Het begin van alles is een monumentaal boek, indrukwekkend rijk aan inzichten. We gaan er zaterdag over praten met Wouter Ryckbosch, en we weten nu al dat we veel onbesproken zullen moeten laten.

Conclusie: lees dat boek.

 

*Toen we het hadden over Yuval Noah Harari.

Beluister het volledige gesprek :