Vergeet "social distancing" en "preteaching", sla aan het "anderhalvemeteren" en volg "aanlooplessen"

20 april 2020
© Jessica Lewis
Sinds de uitbraak van het nieuwe coronavirus in ons land worden we met allerlei nieuwe termen en uitdrukkingen rond de oren geslagen: "lockdown", "flatten the curve", "social distancing" en nu ook zeer actueel "preteaching". Dit zijn vaak Engelstalige woorden. Moeten we op zoek naar Nederlandstalige alternatieven? Taaladviseur Ruud Hendrickx vindt alvast van wel.

Ruud Hendrickx, VRT-taaladviseur en Vlaamse hoofdredacteur van Het Grote Van Dale-woordenboek, vindt het een beetje een gemiste kans, al die Engelstalige termen. Al snapt hij het wel: "Zo'n pandemie komt op je af en dat wordt internationaal geregeld. De Wereldgezondheidsorganisatie lanceert dan termen als "social distancing" en hup, de hele wereld is vertrokken, want wij zijn echt niet de enigen die die term gebruiken. Alleen, en dat is een opmerking die ik heel vaak krijg: waarom moet dat toch altijd in het Engels zijn? Omdat dat internationaal is natuurlijk, maar meestal duurt het ook wel een tijdje voor we een goed Nederlands alternatief hebben. Als je in de kranten kijkt wordt "afstand houden" heel vaak gebruikt. Ik hoop dat we op termijn tot overeenstemming komen over hoe wij in het Nederlands "social distancing" gaan noemen."

Waarom moet dat toch altijd in het Engels zijn?

Ruud Hendrickx zelf vindt het woord "anderhalvemeteren" een goed alternatief. "Het is wel wat lang, maar het is heel duidelijk waar het over gaat. Bij "social distancing" moet je anderhalve meter afstand houden." Hendrickx heeft het woord niet zelf uitgevonden, maar ergens in een krant gelezen.

Nederlandse kranten zijn heel snel aan de slag gegaan met het nieuwe gegeven van anderhalve meter afstand houden. "Ze schreven over anderhalvemetersamenleving of anderhalvemetereconomie. Eigenlijk is het dan heel logisch om daar een werkwoord van af te leiden: "anderhalvemeteren". En wie weet wordt het nog ingekort en gaan we met zijn allen "anderhalven". Ik vind het zo leuk dat er dan zo ineens een woord naar bovenkomt waarvan je zegt: dit is het. Ik vind het prima dat iedereen dit nu gaat gebruiken."

Preteaching of aanlooplessen?

Wat we vandaag ook om de haverklap horen, is het woord "preteaching". Dit is een woord dat bij leraars en pedagogen al veel langer bekend is, maar dat nu overal gebruikt wordt om te zeggen dat leerlingen vanaf vandaag nieuwe leerstof krijgen vanop afstand die later nog eens in de klas herhaald zal worden.

Presentator Michaël Van Droogenbroeck deed in 'De Ochtend' een poging om een Nederlands alternatief te introduceren: "aanlooplessen". "Het woord is eigenlijk bedacht door VRT-journalist Chris De Nijs", zegt Ruud Hendrickx. "Hij vroeg zich af waarom noemen we dat niet gewoon "aanlooplessen" of "aanloopleren"? Vanochtend heeft Michaël Van Droogenbroeck dan gezegd, ik doe dat. Zo hebben wij dan toch onze kleine bijdrage geleverd aan een Nederlands alternatief voor preteaching."

Lees verder onder de tweet

Of het woord "aanlooplessen" ook ingang zal vinden, is natuurlijk de vraag. Pedagoog Pedro De Bruyckere vindt het goed gevonden. Hij is er in elk geval voorstander van om het woord “preteaching” niet meer te gebruiken voor de lessen die nu vanop afstand gegeven worden.

Lees verder onder de tweet

“Preteaching is een pedagogisch concept dat al heel lang bestaat. Het is bijna het tegenovergestelde van remediëren. Bij remediëren geeft de leerkracht les aan de hele klas en spijkert dan achteraf de kennis bij van de leerlingen die niet mee zijn. Bij preteaching gaat de leerkracht preventief, voordat de les gegeven wordt, de leerlingen die niet zo goed meekunnen eerst op weg zetten. Zo kunnen alle leerlingen daarna de les goed volgen en hebben alle leerlingen samen een succeservaring.”

Wat we nu doen is iets nieuws en het verdient dan ook een nieuwe naam.

“Een leerkracht kan bijvoorbeeld het lesuur beginnen met de leerlingen vijf dingen voor te leggen die ze moeten kennen of kunnen. Wie het al weet of kan, mag zich dan even zelfstandig bezighouden met een andere taak, zodat de leerkracht de andere leerlingen kan bijwerken. Daarna volgt iedereen dan de les.”
“Voor leerkrachten kan het verwarrend zijn dat de term preteaching nu gebruikt wordt voor een ander concept. Wat nu gebeurt, is dat de leerkracht nieuwe leerstof geeft vanop afstand en later zal die leerstof nog eens herhaald worden in de klas.”

De Bruyckere is alvast fan van het woord "aanlooplessen" en zal dit proberen te gebruiken. “Ik hoor ook positieve reacties uit het onderwijs en bij wetenschappers over deze term”, zegt hij. "Wat we nu doen is iets nieuws en het verdient dan ook een nieuwe naam."

Ook voormalig Vlaams minister-president Geert Bourgeois (N-VA), die momenteel in het Europees parlement zetelt, vindt het een mooie vondst. Of zijn partijgenoot, minister van Onderwijs, Ben Weyts het gaat overnemen, moet nog blijken.

Lees verder onder de tweet

Beluister het gesprek met Ruud Hendrickx in 'We Zullen Doorgaan':

Bron: vrtnws.be en 'We Zullen Doorgaan'

Lees ook:

Radio 1 Select