Wat is sociaal ongemak?

10 maart 2020
© Unsplash.com
Als een onbekende op de trein heel dicht bij ons komt zitten, worden we vaak ongemakkelijk. Zeker als de rest van de wagon leeg is. Of hoe awkward kan het zijn om dichtbij elkaar in de lift op een toilet te staan. Zeg je dan iets of niet? En zo ja: wat zeg je? Het zijn voorbeelden van 'sociaal ongemak', zegt sociaal psycholoog John Rijsman in 'De Wereld van Sofie'.

We worden ongemakkelijk als een onbekende op de trein te dichtbij komt zitten, omdat hij dan onze ‘persoonlijke ruimte’ betreedt . Een soort bufferzone waarin je je veilig voelt. Biologisch zijn we geprogrammeerd om ons territorium af te bakenen. Op de trein zet iemand daarom vaak demonstratief zijn tas op de lege plaats naast hem. Ook een blik (verstoord opkijken) en houding zeggen duidelijk: laat me met rust!

Alles hangt af van de omstandigheden. Als onze partner dichtbij komt, ervaren we dat als intimiteit. Is het een onbekende, dan vinden we het intimidatie. De één kan er beter tegen dat iemand heel dichtbij komt dan de ander. Sommige mensen hebben last van pleinvrees en sociale angsten, dan wordt het problematisch.

Sociaal ongemak heeft soms grappige gevolgen. Als op een receptie iemand die graag afstand houdt en iemand die graag dichtbij komt met elkaar praten, zet de eerste een stap achteruit telkens de ander dichterbij komt. Zo schuiven ze soms onbewust op van de ene hoek van de ruimte naar de andere.

Hoe moeten we een fenomeen als ‘sociaal ongemak’ begrijpen? 

Er zijn impliciete normen over hoe met elkaar om te gaan. Sociaal ongemak ontstaat als er van afgeweken wordt. Als er iets gebeurt dat niet hoort, of dat niet aan je verwachtingen beantwoordt. Dat is vaak cultureel bepaald. Nederlanders praten bijvoorbeeld luider dan Vlamingen. Wij vinden dat al gauw storend of intimiderend. Maar luid praten wordt net als een teken van intelligentie gezien in Nederland. Terwijl bij ons juist bedachtzaam zwijgen op intelligentie wijst.

WC’s zijn dankbare haarden van sociaal ongemak!

Een ongeschreven regel in het mannentoilet is dat je, indien mogelijk, 1 lege plek tussen laat. Want plassen is moeilijker als er iemand vlak naast je staat. Hier speelt gêne een grote rol. Ook een vorm van sociaal ongemak. Je wordt er ongemakkelijk van dat je buurman je zal horen en zien plassen. In niet volledig afgesloten dames-en herentoiletten hoor en ruik je alles. De geur die je verspreidt, de geluiden die ongewenst ontsnappen. En dan komt er uitgerekend iemand vlak naast je zitten, ook al zijn er nog 8 andere toiletten vrij! Heel ongemakkelijk allemaal. Dat is ook weer indringing in je persoonlijke ruimte.

Toch waren er tijden dat zelfs koningen hun gevoeg in het openbaar deden! De zonnekoning stond er om bekend. Vroeger waren er draagstoelen met toiletten. Die werden neergezet in de ruimte waar de koning moest zijn. Die ging dan een plein public naar het toilet tijdens een conversatie of toespraak. Churchill maakte er ook geen punt van om naakt in zijn bad te babbelen met diplomaten. Het gebrek aan gêne heeft hier te maken met een gevoel van dominantie en superioriteit.

Oogcontact, nog zo'n moeilijke!

Hoe dichter iemand komt, hoe sneller we de ogen neerslaan. Want rechtstreeks oogcontact veronderstelt een zekere intimiteit. Iemand die schuin naast ons zit en waar we geen oogcontact mee maken, ervaren we als verder weg dan iemand die recht tegenover ons zit en die we steeds kunnen aankijken.

Een vage collega dwarsen in de gang, is ook niet evident! Ook dan wordt oogcontact vaak vermeden. Er wordt er een schijn van een glimlach geforceerd en hooguit kort geknikt. De invasie van onze persoonlijke ruimte wordt groter als de ruimte kleiner wordt. Een kleine (door)gang zorgt ervoor dat een tegenligger dicht door onze persoonlijke ruimte moet lopen. Dat vinden we onprettig. En zo sukkelen we samen verder. Het maakt ons zo schattig! 

Lees ook:

Radio 1 Select