"Mensen van adel werken echt wel hard dus dat cliché mogen we al schrappen"

3 augustus 2020
Luc Haekens ©Radio 1
Zijn mensen van adel nog steeds verwende patserige luiaards die in een kasteel zonder chauffage zitten te rentenieren op hun historisch opgebouwd kapitaal? Hoe word je iemand van adel? En welke etiquetteregels gelden bij de adel? Allemaal vragen waar we in #weetikveel een antwoord op kregen.

Will Tura is net als Toots Thielemans baron. Ze zijn verheven tot de adelstand. “Dat gaat over hun verdiensten voor het land”, vertelt Luc Haekens, specialist Belgische adel. “Maar je kan zelf niet vragen om tot de adel te mogen behoren. De raad van adel draagt een naam voor en dan wordt er gedebatteerd.”

Van jonkheer tot prins

Er zijn heel wat titels binnen de adel. “De laagste is een jonkheer of jonkvrouw, maar de eerste echte titel is ‘ridder’”, legt Haekens uit. “Daarna komt ‘baron’, dan ‘burggraaf’ en als laatste onder de lage adel zit ‘graaf’. Tot daar word je verheven. Ook de hoge adel bestaat, de markies, hertog en prins, maar die kan je niet worden. Daar word je in geboren.

Is tot de adel behoren meer dan gewoon een titel hebben? “Ja, het kost je geld”, zegt Haekens. “Je moet een wapenschild met een spreuk laten maken. En niet door de eerste de beste tekenaar. Vroeger had de adel privileges maar die tijd is al lang voorbij. In het leger hadden ze direct een hogere rang. Al mag je nog steeds enkel met een adellijke titel binnen op het jaarlijkse bal van de adel.”

Huwen binnen de adel

“Voor dat bal komt de adel van heel Europa samen in een zaal in Brussel: de Concert Noble. Ze dansen de “Quadrille”. Daar oefenen ze een heel jaar voor. De bedoeling is ook dat daar een beetje koppels worden gevormd. Want als je van adel bent, trouw je best met iemand binnen de adel om de adellijke status te beschermen en in stand te houden. Maar aangezien slechts zo’n 32 000 Belgen van adel zijn, wordt snel gekeken binnen de Europese adel. De dag na het bal maken ze een uitstapje, bijvoorbeeld bootje varen in Brugge, om de koppeltjes nog wat dichter bij elkaar te brengen”, legt Haekens uit.

Het koningshuis is de top van de adel. “Maar ze zeggen zelf van niet, omdat ze volgens hen tot het volk behoren. En de mensen van adel die ik al ontmoet heb, zijn eigenlijk mensen zoals jij en ik. Het zijn mensen die hard werken en ondernemen.”

Harde werkers

“Het is een vooroordeel dat ze niet hard werken”, gaat Haekens verder. “Heel lang geleden mocht de adel niet werken, want dat paste niet bij hun status. Maar tegenwoordig werken de dertigers in de adel echt hard. De prins van Merode bijvoorbeeld, een hele toffe gast, heeft een kasteel in Westerloo dat hij moet onderhouden. Dat kasteel gaat al van generatie op generatie en hij wil dat in stand houden. Maar dat kost handenvol geld en hij moet zorgen dat er geld binnenkomt. Hij gebruikt zijn kasteel nu als een soort eventplaats. Dus dat cliché mogen we echt schrappen want over het algemeen werken die mensen echt wel hard.”

“Het koningshuis en de adel zijn opener geworden, maar er gelden wel nog bepaalde etiquetteregels. Zo mag je nooit ‘smakelijk’ zeggen als je aan tafel zit met een jonkvrouw. Dan zeg je eigenlijk dat het voedsel belangrijker is dan het gezelschap. En je komt aan tafel om te converseren en niet om te eten.
Heb je een afspraak met een jonkvrouw, dan mag je geen bloemen meenemen. Dan moet ze daar een vaas voor zoeken enzo. Neem liever een doos pralines mee, bijvoorbeeld.”

Jagen als favoriete hobby

“Je pakt ook best niet uit met je rijkdom, want dat doen zij ook niet”, benadrukt Haekens. “Ze rijden niet met dure wagens, ze zijn discreet. Al dragen ze wel dikwijls velours broeken, en heb ik nog nooit durven vragen waarom.”

De favoriete hobby is wel nog steeds het jagen. En daar staan ze niet graag voor bekend. “De publieke opinie daarover is ook tegen. Het is een heel moeilijk iets. Maar ik ben één keer mogen meegaan op jacht. Dat was een gigantisch domein van 1000 hectaren. Het was een sleepjacht waarbij ze met een paard op pad gaan en een aanvoerder een dode haas of konijn aan een touw heeft hangen. Uiteindelijk werd er niet geschoten dus een echte jacht was het niet.”

Tot slot zijn goede doelen heel belangrijk binnen de adel. “Vanuit hun opvoeding krijgen ze mee dat ze veel hebben gekregen, en ze dus iets moeten terugdoen. Maar ook binnen de adel geldt een enorme solidariteit. Er zijn mensen die door omstandigheden veel kwijt zijn en die worden geholpen. Ze hebben daar zelfs een speciaal fonds voor. Dat is heel typisch adellijk.”

Herbeluister hieronder #weetikveel over de adel:

Lees ook: 

Radio 1 Select